Hij zit er weer op, de festivalzomer. En de grote winnaar is: Pukkelpop! Net zoals vorig jaar qua optredens mijlenver voor Werchter en Dour, zoals verwacht. De affiche oogde niet zo impressionant als vorige jaren, maar toch hadden we steeds het gevoel dat Chokri en de zijnen een affiche in elkaar hadden gebokst die werkelijk de crème de la crème van de huidige muziekscene bevatte en over de hele lijn
cutting edge was. Ons verslag:
Qua headliners kon deze editie dus lang niet naast de vorige jaren staan, donderdagavond bijvoorbeeld waren
The Killers (donderdag, Main Stage) tegenvallend. Songs als
Read my mind en
Mr. Brightside zijn in sé niet slecht te noemen, maar de magie van andere in pathos gedrenkte bands als Coldplay missen ze, en ze vallen zodoende té licht uit voor een headlinerspot op een festival als Pukkelpop. Onze mening over
Metallica (vrijdag, Main Stage) kent u misschien al, maar zelfs wij kunnen er niet omheen dat die band wél een Grote Naam was. Qua muziek is het vet al ongeveer vijftien jaar van de soep, als er tenminste ooit vet is aangeweest. Voor de fans allemaal goed en wel, maar na twintig minuten hadden we het wel gehad met de Metallikaka. Neen, wie wél zijn status als headliner rechtvaardigde was
Bloc Party. (zaterdag, Main Stage). De
lads openden slordig met puike nieuwe single
Mercury maar schroefden hun liveprestatie gaandeweg op, en tegen dat afsluiter
Helicopter en bis
Pioneers door de boxen galmden hadden ze ons al lang ingepalmd. Hun memorabele Marquee-optreden van 2005 evenaren ze waarschijnlijk nooit meer, maar dit was bijna even goed. Bijna! Ook zaterdag op de Main Stage:
Sigur Rós (zaterdag, Main Stage) De Ijslanders worden langzaam maar zeker groot, en kwamen op Pukkelpop demonsteren dat ze ook grote massas kunnen aanspreken met ontoegankelijke muziek. We kregen een set die op de beste momenten wereldklasse was (afsluiter
Untitled 8, zonder twijfel mooiste moment van het weekend), maar evenzeer afzakte naar middelmatig tijdens de nieuwe nummers of het enerverende oudje
Hafsol. Een uitstekend begin en krachtig einde, met daartussen een gat van een halfuur, het Werchterrecept als het ware. Een klinkende revanche voor Werchter was het dus niet, maar van een gulle ondergetekende krijgen ze een ronde 8 op tien. Kan er goed mee door. Wat er nog beter mee door kan:
Soulwax (zaterdag, Main Stage), in tegenstelling tot dEUS wel een Belgische afsluiter die meer doet als ego showen en middelmatig nieuw materiaal opstapelen. Akkoord: in feite is de live-dj-set van de Dewaeles en gevolg niet te vergelijken met het Antwerpse combo, maar toch: onze spieren waren goed losgegooid na de geschifte mash-up die de Gentenaars uit hun instrumenten toverden. Daft Punk, Justice, Robbie Williams, ze passeerden allemaal de revue, voorzien van een stevige elektrojas. Strak en sterk, respect!
Soulwax brengt ons trouwens meteen bij het tweede deel van onze Pukkelpopreview: de elektronische sector! Op donderdag openden we de festiviteiten in de Boiler vrij laat, rond de klok van achten bij
SebastiAn (donderdag, Boiler Room)
, het Franse elektrowonder van Ed Banger. De jongeling smeet het eerste halfuur alles wat dansbaar is in de mix, variërend van een groovy rocker als
Blue Orchid (White Stripes), over enkele hiphopplaten tot MSTRKRFT's sublieme bewerking van Justice's
D.A.N.C.E., en dat resulteerde in een onsamenhangend begin, maar eenmaal hij in zijn ritme kwam van harde elektro werd het pas echt feest. Af en toe schranzwerk, en een fantastisch einde met
Killing in the name of in een eigen remix en Bowie's
Life on mars (!!!), deze jongen gaat potten breken. Stroop de mouwen maar op voor I Love Techno. Ook
The Bloody Beetroots (zaterdag, Boiler Room) legden hardere elektro op de turntables, en om 13 uur is dat een uitermate goede
wake up call. Wie ook verrassend stevig voor de dag kwam was
Deadmau5 (vrijdag, Dance Hall), in normale doen leverancier van sublieme tech-house (check 's mans
Faxing Berlin!) maar vrijdagnamiddag de pannen avn het dak blies met een opzwepende set. Wij willen niet weten hoe hard de man gezweet heeft onder dat reusachtige muizenmasker, maar wij hadden de benen goed losgegooid na veertig minuten Deadmau5. Qua saaie sets daarentegen kon
Ricarco Villalobos (vrijdag, Boiler Room) wel tellen. Het laatste halfuur was dansbaar, maar ons echt amuseren: nèh. Evenzo bij
Surkin (vrijdag, Boiler Room), die het niveau van zijn set op Dour gedurende het eerste halfuur niet haalde. Daarna riep de plicht, onder de vorm van het Britse viertal
Does It Offend You, Yeah? (vrijdag, Club)
een rockgroep die stevige elektro speelt. Of omgekeerd. Waar we wél zeker van zijn is dat het een enorm goeie livegroep is, die zonder enige moeite de Club vanaf de eerste song aan het dansen kreeg. Afsluiter
We are rockstars was een mooie kers op de taart. Voor de rest zagen we ook stukjes van
A-Trak (zaterdag, Boiler Room), die zijn hiphopelektro ietwat moeilijk aan de man gebracht kreeg, en
Jamie Lidell (zaterdag, Marquee), die op fijne wijze soul koppelde aan aanstekelijke elektro in het kwartiertje tussen Neurosis en Sigur Rós. Over de vier Boilerparty's kunnen we kort zijn: top. Met dank aan
Mish Mash Party (donderdag, mét MC Lux én toeter!),
Ed&Kim (vrijdag) en
Hermanos Inglesos (zaterdag)!
Iets slomer ging het er aan toe bij de diverse metalbands die ondergetekende voor z'n rekening nam. Behalve
Soulfly (eerste halfuur was wel oké, daarna andere oorden opgezocht, zonder klassieker gehoord te hebben), die op donderdag The Shelter lieten daveren, speelden immers
Amenra (zaterdag, The Shelter), de Kortrijkse trots die ons eerder al met verstomming sloeg in de Nijdrop, deed het ietsje minder bezwerend als gewoonlijk, maar dat had meer te maken met het daglicht dan met de muziek, want die was zoals vanouds een amalgaam van briljantie en logheid. Hun setlist was uitstekend (van onze favorieten werd enkel
Némelendèlle niet gespeeld), en ze speelden - zoals verwacht - de concurrentie op een hoopje. Sterke concurrentie nochtans, want op vrijdag speelde
Cult Of Luna (The Shelter) ook een set die op goedkeurend hoofdknikken werd onthaald bij ons, en eveneens zaterdag speelden de goden van het genre
Neurosis (The Shelter) eveneens ten, euh, dans. Helaas waren die laatsten wat té klinisch, zoals in het griezelig perfecte
Given to the rising, dat de set aftrapte. Wij hebben liever wat meer goot dan steriele perfectheid live.
De goot, zei ik? Welkom Greg en Mark! De goede verstaander onder u heeft al door dat we het over het sublieme
Gutter Twins (vrijdag, Marquee) hebben, waarin Greg Dulli en Mark Lanegan smerige rock spelen, soms opgebouwd uit een moordriff (
Idle hands!) en soms traag, meeslepend en bloedmooi (
The Stations). Ook opgemerkt: de straffe cover van Lanegan's
Hit the city, waarin Dulli met verve PJ Harvey's gastrol overnam, en
Bonnie Brae, een Twilight Singers-nummer. Eveneens in het rijtje van vuile rock 'n roll:
The Germans (donderdag, Wablief?!). De Gentenaars kwamen nóg sterker voor de dag als op Dour, en maakten van de Wablief-tent een plaats die best gemeden werd door mensen die hun rock niet graag tegendraads en luid hebben. Zeer luid hebben. Ook
Girls In Hawaii (vrijdag, Marquee) waren luider als verwacht, en eindigden sterk met topnummer
Chemistry. Van de rest kenden we te weinig om echt overtuigd te zijn, maar niettemin was het een meer dan degelijke prestatie.
Girls In Hawaii, het had geen misse naam geweest voor Santi White en backing band, aka
Santogold (donderdag, Dance Hall), die een superleuk optreden speelden, met radiohit
L.E.S. Artistes al vroeg in de set. Wat daarna volgde was van nog hoger niveau. M.I.A. stond dit jaar niet op Pukkelpop, maar geen kat die daarom maalt met haar beste vriendin als perfecte vervangster! Andere feestjes waren
for free te verkijgen bij
The Flaming Lips (donderdag, Marquee), die hun rock met een flinke hoek af (en een dikke vijs los) aan een stomende Marquee serveerden, en bij
De Jeugd Van Tegenwoordig (donderdag, Dance Hall). Althans, in de Dance Hall. Ondergetekende had buiten niet al te veel fun, mede door het feit dat radiohits
Watskeburt en
Hollereer opgespaard werden tot het einde van de set, wanneer dezelfde ondergetekende al lang iets straffers had opgezocht. Ook
The Subways (donderdag, Main Stage) even daarvoor komen in aanmerking voor categorie 'leuk'. Wij zagen slechts het einde van hun set, met hitje
Rock 'n roll queen als afsluiter, en merkten dus op dat frontman Billy Lunn een uitstekende publieksmenner is, en bassiste Charlotte Cooper er nog steeds mag zijn. Geen wereldband, maar toch: leuk!
De categorie 'in het oog te houden' wordt aangevoerd door Australische jongens.
Midnight Juggernauts speelden donderdag in de Dance Hall ten dans, en verklaarden onze Pukkelpop op fantastische wijze open. Nochtans materiaal vanop het eerder dit jaar verschenen debuut 'Dystopia', maar sommige nummers werden al als semi-klassiekers onthaald. Het van een fantastische vocal-intro voorziene
Tombstone bijvoorbeeld, of persoonlijke favoriet
Road to recovery. Hopen op een zaalshow! Ook in het snotje te houden:
Yeasayer, de Brooklynse weirdo's die in februari de AB Club al platspeelden, en dat zaterdag nog eens overdeden in de Club. Nieuwe songs werden gekoppeld aan superieur oud materiaal als
2080, Final path en
Wait for the summer. Ook
The National heeft een veelbelovende toekomst voor hen, maar dat wisten we al langer. Net als op Werchter werd vooral geput uit doobraakalbum 'Boxer', aangevuld met superieur ouder materiaal. Hoogtepunt? Zonder twijfel
Ada, waarbij we nooit wegkomen zonder koude rillingen. Ten slotte tippen we ook
Blood Red Shoes (vrijdag, Club), een man-vrouw duo
comme The White Stripes, maar dan met omgekeerde bezetting. Laura-Mary Carter neemt de gitaar en backings voor haar rekening en Steven Ansell, vaagweg refererend aan Muppets Show's Animal, zingt en drumt tegelijk. Sterke en aanstekelijke garagesongs. Onze favoriete groep van het moment, en dat wil wat zeggen.
Verder hoorden we nog onder andere flarden Arsenal, Two Gallants, Hifi Handgrenades, Manic Street Preachers, Stereophonics, maar die flarden waren te kort om deftig te beoordelen, dus hierbij, om actueel te blijven, de medaillestand na Pukkelpop 2008:
Goud: Amenra
Zilver: Blood Red Shoes
Brons: Does It Offend You, Yeah?